Iedereen weet dat harde muziek of lawaai gehoorschade kan veroorzaken. Maar wanneer is geluid op het werk eigenlijk te luid?
In Nederland geldt dat werkgevers vanaf een dagelijkse blootstelling van 80 dB(A) maatregelen moeten nemen. Vanaf 85 dB(A) is het dragen van gehoorbescherming verplicht.
Ter vergelijking:
In de praktijk gebruik ik vaak een eenvoudige vuistregel: de spraakverstaanbaarheidstest. Moet je op anderhalve meter afstand je stem verheffen of zelfs schreeuwen om verstaanbaar te zijn? Dan is de kans groot dat het geluidsniveau boven de actiewaarde ligt.
Ik maakte dat onlangs mee bij een productiebedrijf. Op nog geen twee meter afstand moest ik roepen om een medewerker te waarschuwen dat ik achter hem stond. Hij schrok enorm. Niet omdat het lawaai bijzonder was, maar omdat hij eraan gewend was geraakt.
Dat is precies het verraderlijke van lawaai. Gehoorschade ontstaat geleidelijk. Werknemers merken vaak niet dat ze steeds harder praten, moeite krijgen met gesprekken of na een werkdag een piep in hun oren hebben.
Ik zie dit terug in uiteenlopende sectoren. In de bouw, waar metaalbewerkingen korte maar zeer harde piekgeluiden veroorzaken. In de industrie, waar machines continu draaien. En zelfs in de horeca, waar muziek, keukenapparatuur en drukte samen een hoge geluidsbelasting vormen.
Gehoorschade is blijvend. Wat verloren is gegaan, komt niet meer terug.
Gelukkig is veel te voorkomen. Een geluidsmeting laat precies zien waar de grootste risico's zitten. Op basis daarvan kun je gerichte maatregelen nemen, zoals stillere machines, aanpassingen in de werkorganisatie of passende gehoorbescherming.
In een volgend artikel ga ik in op een minder bekend risico: ototoxische stoffen. Stoffen die het gehoor kunnen beschadigen en het effect van lawaai versterken.
(Hier vind je alles.)