Het redelijkerwijs-principe houdt in dat een werkgever niet verplicht is om maatregelen te nemen, die redelijkerwijs niet verwacht kunnen worden. Dit principe wordt vaak toegepast binnen de arbeidshygiënische strategie.
Elke werkgever is verplicht om een veilige werkomgeving te borgen, maar de veiligheidsmaatregelen moeten wel technisch en economisch haalbaar zijn. Stel dat een machine veel lawaai maakt. Volgens de arbeidshygiënische strategie kun je de machine het beste vervangen voor een alternatief. Maar wat als er geen andere machine bestaat, of het alternatief is heel duur? Dan is het niet redelijk om te eisen dat de werkgever een ander apparaat aanschaft. Volgens het redelijkerwijs-principe mag je dan afdalen naar een andere veiligheidsmaatregel. De lawaaierige machine kun je een geïsoleerde ruimte plaatsen.
Onder gevaarlijke stoffen zijn CMR-stoffen een grote boosdoener. Deze stoffen kunnen kanker veroorzaken, DNA beschadigen of de voortplanting negatief beïnvloeden. Voor deze gevaarlijke stoffen mag het redelijkerwijs-principe niet toegepast worden. Dat betekent dat CMR-stoffen altijd vervangen moeten worden, als er een alternatief is. Economische argumenten mogen hier geen rol in spelen.